Punt voor Pien
Het begin van Punt voor Pien:
‘Zo, dit is een scheidslijn.’ Meester Engel liep precies door het midden van de klas naar achter. ‘Vanaf nu heeft niemand van de ene kant van de klas nog contact met de kinderen van de andere kant.’
Pien voelde een lach opkomen. Kwam er soms ook een muur zoals vroeger in Berlijn? In Duitsland konden ze elkaar zelfs niet meer zien!
Iedereen gniffelde, maar niemand durfde iets te zeggen. Amber draaide zich om en keek Pien met vragende ogen aan. Gelukkig, zij zaten aan dezelfde kant.
Achterin de klas telde Engel de hoofden. Daarna liep hij terug naar het midden van de klas en maakte precies voor Piens tafeltje een scherpe bocht naar het raam. Zijn donkergroene jasje wapperde net langs haar etui. Bah. Ze trok het snel naar zich toe.
Bij het tafeltje van Fay dat tegen de vensterbank stond, sloeg hij zijn hakken tegen elkaar en maakte op twee voeten rechtsomkeert. Met grote passen liep hij naar de andere kant van de klas tot hij bij Jacco was, die bij de muur zat. Hij sloeg weer zijn hakken tegen elkaar en draaide zich om.
‘En hier is de tweede scheidslijn,’ riep meester Engel. ‘Zoals jullie zien heb ik de klas ingedeeld in vier vakken. In elk vak zitten zes kinderen. Deze zes kinderen praten vanaf nu alleen nog met elkaar. En alleen als ik dat zeg, natuurlijk.’
Niet meer met Amber praten? Pien dacht het niet. Ze friemelde aan haar oorlelletje, maar ze zei niets.



